Algemeen\Fabry\Algemeen-ziektebeeld

* Alle gemarkeerde velden zijn verplicht.

Het e-mailadres van uw collega wordt uitsluitend gebruikt om de gevraagde informatie te sturen.

 

Helaas is door een serverfout uw bericht nog niet verzonden. Probeer het over een paar minuten nog eens.

Algemeen

Algemeen ziektebeeld

De ziekte van Fabry is een X-chromosomaal gebonden lysosomale stapelingsziekte die wordt veroorzaakt door verminderde of afwezige activiteit van het enzym alfa-galactosidase (alfa-Gal A). Daardoor worden bepaalde glycosfingolipiden niet of onvoldoende gecataboliseerd en stapelt met name het globotriaosylceramide (GL-3) zich op in de lysosomen van diverse lichaamscellen. Stapeling van GL-3 treedt met name op in endotheelcellen, neuronen, hartspiercellen en verschillende celtypen in de nier. Door het dysfunctioneren en afsterven van cellen ontstaan op den duur secundaire weefselreacties in de vorm van hypertrofie, inflammatie, fibrose en sclerose.

De levensbedreigende late complicaties, zoals hersenbloedingen, nierinsufficiëntie en hypertrofische cardiomyopathie, manifesteren zich meestal pas op volwassen leeftijd. Toch zijn er vaak al op de kinderleeftijd meerdere symptomen die tot de diagnose kunnen leiden. Vroege herkenning is van groot belang om tijdig de juiste behandeling te kunnen starten. Daardoor kan de progressie worden gestopt of vertraagd en kunnen late complicaties worden voorkomen.

Erfelijkheid en incidentie

De ziekte van Fabry erft X-gebonden over. Nagenoeg alle mannen met het gendefect ontwikkelen afwijkingen. In de meeste gevallen is dit de klassieke vorm van de ziekte van Fabry, wat het geval is wanneer de enzymactiviteit lager is dan 1% van normaal. Een zogenaamde ‘cardiale variant’ van de ziekte van Fabry wordt gezien bij mannen met ongeveer 5-10% van de normale enzymactiviteit. Bij hen manifesteert de ziekte zich uitsluitend of voornamelijk met cardiale afwijkingen in de vorm van cardiomyopathie of klepafwijkingen. Wanneer mannelijke (hemizygote) patiënten met de ziekte van Fabry niet worden behandeld, sterven ze meestal in het vierde of vijfde decade van het leven. Hoewel de aandoening X-chromosoomaal recessief overerft, is ook bij een groot deel van de heterozygote vrouwen sprake van significante morbiditeit en vroege sterfte. Bij vrouwen ontwikkelen de symptomen zich echter meestal later dan bij mannen. Het kan voorkomen dat vrouwen geen klachten ontwikkelen, ondanks de aanwezigheid van histologische afwijkingen in de organen.

De ziekte van Fabry komt onder alle etnische groepen even vaak voor. De geschatte incidentie is 1:40.000 in mannen en 1:117.000 in de algemene populatie.(1) Recente onderzoeken wijzen mogelijk op een prevalentie van 1:3100 levendgeborenen.(2)

1) Meikle PJ, et al. Prevalence of lysosomal storage disorders. JAMA. 1999;281(3):249-54.
2) Spada M, et al. High incidence of later-onset Fabry disease revealed by newborn screening. Am J Hum Genet. 2006;79(1):31-40.